KGB

De KGB werd in 1953 opgezet als Comité voor Staatsveiligheid en werd daarmee de geheime dienst van de Sovjet-Unie. De dienst zou tot het einde van de Sovjet-Unie in 1991 bestaan.

De KGB had tot taak om alles wat niet communistisch was uit te bannen. Wanneer schrijvers bijvoorbeeld niet volgens het gedachtegoed van het communisme hun boeken uitbrachten werden ze opgesloten in kampen of in een psychiatrische kliniek geplaatst. Ook andersgelovigen werden terechtgesteld en in veel gevallen tijdens een showproces ter dood veroordeeld. Zij lieten een spoor van terreur achter tijdens de Koude Oorlog. Als personen al de schijn tegen hadden werden ze zonder pardon uit hun huizen genomen.

Daarnaast hield de KGB zich ook bezig met spionage en het inwinnen van informatie. Niet alleen binnen het Warschaupact, maar ook daarbuiten in met name de Verenigde Staten. Ook droegen zij zorg voor de veiligheid van alle politici binnen de Sovjet-Unie. De huidige president van Rusland, Vladimir Poetin, begon in 1975 zijn carrière bij de KGB. Voormalig Sovjet-Unie leider Joeri Andropov stond toen aan het hoofd van de KGB.

E-Book Koude Oorlog